maandag 7 oktober 2019

Feestmaand

September, of eigenlijk Mäskäräm, volgens de Ethiopische jaarrekening, is een feestmaand. Dat hebben we gemerkt in onze training. Er vielen drie dagen uit. De eerste was op donderdag 12 september, Ethiopisch Nieuwjaar en het begin van de maand Mäskäräm, de feestmaand. Dat was in de eerste week van de training, toen collega Michael de groep begeleidde. De Ethiopische kalender is gekoppeld aan het liturgisch jaar van de orthodoxe kerk. De orthodoxe christenen noemen dit feest Nayrouz. In het Amhaars heet het Enkutatash. Het is een ingewikkeld verhaal hoe dit is ontstaan, maar wikipedia weet er wel raad mee! Volgens mij begon voor Ethiopië toen het jaar 2020, maar het zou ook zomaar 2019 kunnen zijn.
In ieder geval is het een feest dat onze deelnemers graag in huiselijke kring vieren. Een grote groep logeert gedurende de trainingsweek in een guesthouse in Adama. Het openbaar vervoer is niet zo betrouwbaar. Op één dag heen en weer is praktisch onmogelijk. Dus waren ze op donderdag en vrijdag vrij en haalden ze op zaterdag een dag in.

Meskel in Adama
Overigens heeft Ethiopië niet alleen aan andere jaartelling, ook de dagindeling is anders. Ze beginnen te tellen bij zonsopkomst, om ongeveer 7 uur. Omdat het land niet ver van de evenaar ligt, is dat het hele jaar ongeveer gelijk. Dus 7 uur is 1 uur, 8 uur is 2 uur en zo door. Om 19:00 uur beginnen ze weer bij 1. Het is dan ook weer donker. Middernacht onze tijd is dus 6 uur Ethiopische tijd. Het valt me mee dat we hier geen moeilijkheden mee hebben gehad, want die tijden worden door elkaar gebruikt. Soms zeggen wij 15 uur, dan weer 3pm en zij zeggen dan soms 9 uur. Maar gelukkig kwamen we er steeds wel uit.



Meskel in Adama, gelukkig heb ik wit haar...
De tweede feestdag, op vrijdag 27 september is het feest van Meskel. Het is een religieus feest van de orthodoxe christenen. Dat is zo’n beetje de helft van de Ethiopische bevolking, dus het wordt breed gevierd. Met Meskel (=kruis) vieren de orthodoxe gelovigen dat de Romeinse keizerin Helena het ware kruis vindt. Het kruis waaraan Christus gestorven is. Aan de vooravond worden op pleinen grote vreugdevuren opgericht met het kruis in het midden. Voorafgaand aan vreugdevuur zijn er allerlei gebeden en toespraken. Ik ben met Noh naar het vreugdevuur in Adama geweest. Duizenden mensen waren verzameld op Meskel Square. De vrouwen in witte kleding en met in ieder geval een witte sjaal om het hoofd. Ook de mannen en kinderen vaak in het wit gekleed. Toen wij aankwamen was de ceremonie in volle gang: gebeden, gezangen, een toneelstuk waarin keizerin Helena eerst een vals kruis vond tot hilariteit van de menigte en daarna, onder luid gejuich, gelukkig ook het ware kruis. Na nog meer gebeden en toespraken werd het vuur ontstoken. Grote groepen mensen begonnen te dansen en te zingen en verlieten na een tijd ook dansend en zingend het plein. In allerlei wijken van de stad zijn er ’s avonds kleine vreugdevuren en de hele avond zag ik vanuit het hotel her en der vuurpijlen de lucht ingaan.


Irreecha-viering, onderweg van Adama naar Addis
In het weekend van 5 en 6 oktober is de derde feestdag, Irreecha, een soort Dankdag voor het gewas. Het is nu een cultureel feest voor heel Ethiopië, maar het komt oorspronkelijk bij de Oromo vandaan en wordt in Oromia het meest gevierd. Bij de overgang van regentijd/winter naar zomer, danken de Oromo God voor de rijkdom aan gewassen, het water, de bergen, dieren. Het is een heel oude traditie. De mensen gaan naar een rivier, hebben bossen gras bij zich. Ze dopen deze in het water en sprenkelen dat over zich heen. Een mooi ritueel.
Dit jaar vieren ze Irreecha voor het eerst in 150 jaar weer in Addis Abeba dat ook in Oromia ligt. Premier Abiy Ahmed én de burgemeester van Addis, beiden Oromo, hebben zich hier hard voor gemaakt. Lange tijd werd de regering gedomineerd door óf Amharen óf Tigray. Irreecha moest daarom worden verplaatst naar een andere stad. Maar nu dus weer in Addis, iedereen in Adama heeft het erover. Ik krijg steeds weer uitgelegd hoe belangrijk dit voor hen is.

Irreecha-viering, onderweg van Adama naar Addis
Zo krijgt Irreecha ook een politieke betekenis. Deze viering in Addis zien de Oromo als weer een stap in de richting van meer autonomie voor Oromia. Hoewel het een feest is van vriendschap, dankbaarheid en vrede, wordt er rekening gehouden met onlusten of mogelijk zelfs aanslagen. Daarom zijn er flinke veiligheidsmaatregelen genomen. En dat is de reden dat op het laatste moment besloten is de training niet op vrijdag, maar op donderdag af te sluiten. Men verwacht dat er 3 tot 5 miljoen mensen naar het Irreecha-feest gaan komen. Vanaf vrijdag staan er files op alle wegen naar en van Addis, ook door de security checks die er zijn. Om de trainees de gelegenheid te geven op tijd thuis te zijn, heeft Mr. Tesfaye, de directeur van trainingscentrum, besloten dat de training eindigt op donderdagmiddag. Natuurlijk gaan we daarin mee. Lees daarover in De laatste dag.

Ik vraag of mijn vertrek in gevaar komt. In de nacht van zaterdag op zondag vlieg ik naar Nederland. Nee, ’s middags kan ik gewoon naar Addis, dan weten ze of het allemaal veilig verloopt en dan zal het met de drukte wel meevallen. We gaan het zien.




vrijdag 4 oktober 2019

Lunch


Omdat er in het trainingscentrum geen restaurant is, gaan we voor de lunch naar Adama centrum. Voor de deelnemers staat de bus klaar en voor mij en Mr. Noh is er een SUV. Verschil moet er zijn! Ik heb me erbij neergelegd dat ik dat kan veranderen. Iedereen vindt het de normaalste zaak van de wereld dat het zo gaat. De enige keer dat er echt geen auto beschikbaar was en we mee reden in de bus, waren de deelnemers in alle staten. Dat hadden ze nog nooit meegemaakt.

Chiro met Hawi en Noh
In deze twee weken heb ik van alle keren dat ik in Ethiopië was het meest geleerd over het eten. En ook de lekkerste gerechten geproefd. Dat komt door Mr.Noh. Hij is niet alleen mijn beschermengel, degene die me meeneemt naar festiviteiten, de omgeving laat zien. Die zorgt dat de beamer ’s ochtends weer klaarstaat en dat de presentielijst getekend wordt. Hij zorgt er ook voor dat we elke middag een heerlijke maaltijd genieten. Noh is zelf een enorme genieter. Hij houdt van lekker eten en weet precies welke specialiteit een restaurant heeft. Hij is aan de dikke kant en daar wordt hij vaak mee geplaagd, maar hij trekt zich er niet echt iets van aan. Hij is gewoon een liefhebber. 
 Wat heel fijn is: Noh kent alle serveersters en pakt ze in met zijn charme. 
Dat legt ons geen windeieren, want ze doen echt hun best om ons iets lekkers voor te zetten.

Elke dag is het weer een verrassing waar we naartoe gaan. Als we zijn ingestapt, zegt hij bijvoorbeeld: “Miss Cilia, do you know chiro?” In dit geval zeg ik: “Yes, I took it last evening in the hotel. I liked it.” “OK, then we are going to eat a much better one!” Hij dirigeert de chauffeur naar een zijstraat waar achter een shabby schutting een mooi restaurant ligt. Voor we gaan eten, wassen we onze handen. Dat is namelijk ons eetgereedschap! Iedere gast gaat voor hij gaan eten naar de wasruimte om handen te wassen.

Noh mengt de kaas door de kitfo
Chiro bestaat uit injera (de nationale pannenkoek gemaakt van tef) met daarin verschillende sausen op basis van kikkererwten. Daar maken ze in dit restaurant heerlijke variaties op. Soms gelardeerd met gevulde groene pepers, dan weer met gestoofde kool, wortel en sla, of hardgekookt ei en wat vlees.  Op woensdag en vrijdag eten we vegetarisch omdat het een vastendag is voor orthodoxe christenen. Dat is geen straf, want chiro heeft helemaal geen vlees nodig. Noh eet er flink van en moedigt mij aan dat ook te doen. Ik eet echt veel, maar hij dringt aan om toch vooral nog meer te nemen, minstens nog drie happen ;-)
Naast chiro, dat veel gegeten wordt, eten we ook een paar keer kitfo. Rauw rundvlees dat gemengd wordt met verse kaas. Er wordt een scherpe peper bij geserveerd en natuurlijk injera. Noh raadt aan de peper maar niet te nemen. Ik probeer een klein tipje en geef hem gelijk. Deze kitfo kunnen we eten, omdat Noh heel zeker weet dat ze vers is. Het is erg lekker, veel smakelijker dan de carpaccio die wij in Nederland eten. Tijdens de Meskel festiviteiten, rond 27-28 september, is het traditie kitfo te eten. Het is een geliefd gerecht, maar voor de meeste Ethiopiërs te duur. Tijdens Meskel probeert iedereen het toch minstens één keer te eten.

Mini-bbq met geroosterd geitenvlees
Met Hawi en Noh ga ik ook naar een restaurant dat gespecialiseerd is in geitenvlees. We beginnen met het uitzoeken van het vlees. Er hangen drie geiten aan vleeshaken en er liggen verschillende lappen. Hawi en Noh onderhandelen over vlees en prijs. Dan gaan we zitten en even later wordt er een stoofgerecht met geitenvlees en groente geserveerd. Heerlijk zacht gekruid. Natuurlijk eten we dat met injera. Daarna komt er een mini-bbq’tje met geroosterd geitenvlees en peper. Ongelooflijk lekker!

Elke maaltijd sluiten we af met koffie, altijd gezet op de Ethiopische manier, Noh vindt machinekoffie niet te pruimen! Soms in het restaurant, soms bij een van de kleine koffietentjes langs de straat.
Dan belt Noh de chauffeur en rijden we terug naar het trainingscentrum. De deelnemers zijn ondertussen ook weer gearriveerd. Na een pauze van twee uur nu eerst even een energizer, want van al dat lekkere eten word je wel een beetje sloom. Dan werken we door tot 4 uur. Tijd voor thee, koffie en lekkers!

woensdag 2 oktober 2019

Aannames




Vandaag staan het ondersteunen van het leerproces en feedback geven centraal. Eerst hebben we in een interactief college herhaald wat de deelnemers over dit onderwerp al behandeld hebben met collega Michael. Ook hebben we de feedbackregels besproken. De belangrijkste zijn: benoem wat je hebt waargenomen, doe dat in de vorm van een ik-boodschap. Geef feedback op basis van de leeruitkomsten en beperk het aantal feedbackpunten. Begin met een positieve boodschap en dan de opbouwende kritische.

Daarna hebben de deelnemers in de projectgroepen nagedacht over de manier waarop ze feedback en ondersteuning gaan geven in hun module. Het is gemakkelijk om op te schrijven ‘trainer geeft ondersteuning’ of ‘projectgroepen geven elkaar feedback’, maar hoe denken ze dit te gaan aanpakken. Het zo concreet maken vinden de meeste deelnemers echt moeilijk. Daarom gaan we na de koffiepauze oefenen in een rollenspel.

Voordat we naar het café gaan, leg ik uit wat we gaan doen en hoe we het organiseren: groepjes van drie, een feedbackgever, een feedbackontvanger en een observant. Elke groep krijgt drie casus, ze wisselen na elke ronde van rol. Zo kan iedereen elke rol een keer oefenen. Voordat we de zaal uitgaan, zetten we alvast de stoelen klaar in driehoeken. Zonder tafel ertussen, dus even weg van de veilige borstwering die een tafel meestal is. Maar dat vind ik belangrijk om het contact open te houden. Dat leg ik uit door hen te herinneren aan wat we gisteren hebben behandeld in het kader van emotionele intelligentie.

Na de koffie dirigeer ik iedereen naar zijn groep en leg nogmaals de bedoeling uit. Daarna vraag ik van iedere groep iemand om de casus bij mij op te halen. En dan begint het.
Ik heb elke casus verdeeld in twee rollen: een voor de feedbackgever, bijv. Mr. Tesfaye en een voor de feedbackontvanger, bijv. Miss Kuri. In de uitleg benadruk ik dat je alleen je eigen rolbeschrijving leest. Dan weet je net als in het echt niet precies wat de ander denkt en wat er misschien nog meer speelt dan dat wat je hebt geobserveerd. Maar uit het geroezemoes, het vol onbegrip naar de casus staren, het gezamenlijk hardop lezen van beide casussen begrijp ik dat het niet duidelijk is. Eerst probeer ik het per groep nog een keer duidelijk te maken, het blijft nu eenmaal moeilijk om de opdracht in het Engels helemaal goed te begrijpen. Maar dat gaat echt te veel tijd kosten. Dan komt er van deze oefening echt niets terecht! Gelukkig vraag ik bij de tweede groep: “Hebben jullie dit wel eens eerder gedaan?” “Nee,” is het antwoord. Aha, dat verklaart alles.

 Ik ren naar voren (dat alleen is al reden voor hilariteit) en vraag Shambel en Lamessa om mij te assisteren. Voor de groep spelen we het op mijn aanwijzingen helemaal voor. We verdelen de rollen, Ik ben de feedbackgever, Shambel is de ontvanger en Lamessa is de observant. Dan lezen we ieder in stilte onze eigen rol. Dan start ik het gesprek als trainer Miss Ferida. Het duurt even voordat Shambel de smaak te pakken heeft. Maar steeds meer durft hij de rol van Mr. Kedir aan te nemen. Ik rond het gesprek af en vraag Lamessa om feedback te geven op de punten die we hebben vastgesteld. Dat doet hij. Zo, nu zijn we klaar en wisselen we van rol. Applaus van de groep ;-)
Ik vraag of het nu duidelijk is. Opgelucht geknik. “OK, off we go!!!”
Tot over twaalven zijn alle groepen druk bezig. Gelukkig wordt er af en toe ook hartelijk gelachen. Ik versta er niets van, want natuurlijk doen ze deze oefening in het Oromo. En met hart en ziel, dat kan ik zien!!

Ongeveer twee keer per dag benadruk ik hoe belangrijk het is om te onderzoeken wat de beginsituatie is: wat weten en kunnen de deelnemers van je training al en wat niet. Hou daar rekening mee en sluit daarbij aan, houd ik hen voor. Bijna hamer ik op de tafel met dat bekende, belerende vingertje. Laat ik dat nu net met deze oefening niet gedaan hebben!!!

Van bovenaf gezien
Als afsluiting blik ik terug op deze sessie. Ik vertel waarom het fout ging: mijn aanname dat dit een bekende werkwijze is in trainingen, dus dat zij dat allemaal wel zouden weten. Niet dus!!
Als we naar de bus lopen, vertellen verschillende deelnemers dat ze hier heel veel van geleerd hebben en dat ze het zo fijn vonden dat het in het Oromo kon. Een deelnemer verbaast zich dat ik dat goed vind omdat ik dan niet kan controleren of ze het wel goed doen. Ik zeg: “Ik vertrouw erop dat jullie je verantwoordelijkheid nemen. En ik zie dat jullie dat ook doen.”
Ook weer een aanname, maar die koester ik.